Het nieuwe jaar is voor De Lange Natuursteen Unitas niet begonnen met het gewenste vuurwerk, maar met een sissende voetzoeker. In een duel dat aanvoelde als een koude douche na een zinderend 2025, moesten de Roldenaren hun meerdere erkennen in Rotterdam Handbal. Waar de Boerhoorn Arena zich had opgemaakt voor een triomftocht van de winterkampioen, werd het een avond van frustratie, haperende motoren en onduidelijke arbitrale beslissingen. De eindstand van 24-28 spreekt boekdelen: de weg naar de absolute top is bezaaid met glas, zeker als de vorm van de dag achterblijft in de kleedkamer.
Door Rolf Luinge
Het jaar 2025 was voor Unitas een aaneenschakeling van sportieve hoogtepunten. De ploeg uit Rolde, een hecht collectief dat zich met bravoure naar de kop van de eredivisie had geknokt, genoot tijdens de feestdagen van de welverdiende rust. Er werd gelachen bij het Rolder Kerstverhaol, er werd geproost met familie en vrienden, en op de zandverstuiving knalden de carbidbussen als metafoor voor de explosieve kracht van de rood-blauwe selectie. De oliebollen smaakten zoet, de herinneringen aan de wintertitel nog zoeter. Maar zoals elke topsporter weet: resultaten uit het verleden bieden geen garantie voor de start van een nieuw kalenderjaar.
Sneeuw in de raderen
De voorbereiding op de hervatting van de competitie verliep allerminst vlekkeloos. De natuur, in de vorm van een venijnig pak sneeuw, gooide letterlijk en figuurlijk roet in het eten. De wegen naar de sporthal transformeerden in gladde ijsbanen, waardoor de niet-Roldenaren in de selectie noodgedwongen hun reis naar de trainingen moesten staken. In een hartverwarmend gebaar van sportieve broederschap verleende de lokale volleybalvereniging medewerking om Henk Smeenge en zijn manschappen alsnog een gezamenlijk moment op de vloer te gunnen. Toch bleek dit improvisatievermogen niet voldoende om het gebrek aan ritme volledig te maskeren. De automatismen die Unitas in 2025 zo onoverwinnelijk maakten, leken door de vorst bevroren.
Een droomstart met een rauw randje
Toen het beginsignaal in een wederom sfeervolle Boerhoorn Arena klonk, leek er aanvankelijk weinig aan de hand. Unitas schoot uit de startblokken als een hongerige wolf. Binnen een vloek en een zucht stond er een 4-1 voorsprong op het scorebord. Jarno Paasman, de rots in de Rolder branding, begon de wedstrijd met een serie reddingen die de Rotterdamse aanval tot wanhoop dreef. De omschakeling, het dodelijke wapen van Unitas, functioneerde als vanouds. Bram Schutrup en Chris Schutter vlogen over de flanken als messcherpe break-out specialisten.
Het hoogtepunt van die openingsfase was zonder twijfel het doelpunt van Bart Mik en wat daaran vooraf ging. Na een fabelachtige dubbele redding van Paasman, die de bal als een magneet naar zich toetrok, werd de razendsnelle schademanager uit Wildervank door Rik Makkes in stelling gebracht. Mik rondde de perfecte aangooi routineus af, en de Boerhoorn explodeerde. Unitas swingde, Unitas zong, en de supporters waanden zich in een verlengstuk van het kerstfeest. Tot de 20ste minuut leek er geen vuiltje aan de lucht bij een stand van 9-6.
Het kantelpunt
Maar handbal is een sport van momentum, en dat momentum kan sneller draaien dan een tol op het ijs. In de 20ste minuut veranderde de sfeer in de hal op slag. Een aantal beslissingen van het scheidsrechterlijk duo zorgde voor verwarring op de vloer en onbegrip op de tribunes. Waar Unitas meende recht te hebben op voordeel, werd er gefloten; waar er fysieke strijd werd geleverd, volgden twee-minutenstraffen.
De relatie tussen de arbitrage en alles wat Rolde lief is, bereikte een vriespunt. De verwarring sloeg om in frustratie, en die frustratie vrat aan de concentratie van de Roldenaren. Rotterdam Handbal, een ploeg die dit seizoen al vaker heeft bewezen over een ijzeren discipline te beschikken, rook bloed. Via de verwoestende afstandsschoten van Stijn Krijgsman en de behendigheid van linkerhoek Jarno Schoenmakers kropen de bezoekers dichterbij. In de 25ste minuut was de voorsprong verdampt: gelijk. Een lichtelijk aangeslagen Unitas wist met hangen en wurgen de rust te bereiken bij een stand van 13-13. De schwung was weg, de twijfel was gezaaid.
De opbouwrij zonder munitie
In de kleedkamer hamerde Henk Smeenge op focus. “Laat je niet uit de tent lokken door de arbitrage,” was de boodschap. “Speel de wedstrijd, niet de scheidsrechter.” Aanvankelijk leek die boodschap vrucht te dragen. Camiel Lansink, die ondanks een lichte blessure aan de aftrap verscheen, toonde zijn klasse. Met twee individuele acties die getuigden van pure wilskracht zette hij Unitas weer op voorsprong.
Maar Lansink was deze avond een eenzame strijder in een opbouwrij die verder een collectieve off-day beleefde. De motoren van de ‘kanonnen’ Bart Lensen en Nawid Karimi-Zand bleven deze avond akelig stil. Ze speelden te dicht op de Rotterdamse dekking, waardoor de hoekspelers niet meer werden bereikt en de creativiteit wegvloeide. Ook Bram Drijvers, normaal gesproken zo lichtvoetig als een gazelle, vond geen munitie om de Rotterdamse muur te slopen.
Aan de andere kant van het veld groeide Stijn Krijgsman en Milan Peters uit tot kwelgeesten voor de Drentse defensie. Het middenblok van Unitas kreeg de schutters uit de Maasstad niet onder controle. De communicatie haperde en de schoten van afstand zeilden te vaak ongehinderd langs de verdedigingsblokken. Zelfs Jarno Paasman verloor zijn grip op de wedstrijd en stond zijn plek af aan Matthijs Rogier Meijer in een ultieme poging het tij te keren. Het mocht niet baten. In de 42ste minuut nam Rotterdam voor het eerst de leiding, een voorsprong die ze niet meer uit handen zouden geven.
Te laat wakker
Terwijl de teller van Unitas minutenlang op 18 doelpunten bleef steken, liep Rotterdam uit naar 18-22. De doelman van Rotterdam, Ofte Teekens, groeide uit tot een onneembare vesting. Smeenge probeerde in de slotfase alles: mandekking op Krijgsman, een offensieve dekking die overging in een alles-of-niets strategie. Hoewel de bal vaker werd onderschept en Bart Mik en Chris Schutter nog een paar fraaie goals lieten noteren, kwam de tactische ingreep te laat.
Unitas vocht tegen zichzelf en tegen de klok. De overtuiging die de ploeg vorig jaar zo kenmerkte, was deze avond vervangen door een angstige zoektocht naar vorm. Rotterdam Handbal speelde de wedstrijd volwassen uit en vertrok met een terechte 24-28 overwinning uit Drenthe. Hiermee sluiten de Rotterdammers aan bij de top van de eredivisie, terwijl Unitas moet accepteren dat de eerste plek geen vanzelfsprekendheid is.
De blik vooruit
De nederlaag is pijnlijk, maar niet fataal. In de sportwereld is het gezegde “je bent zo goed als je laatste wedstrijd” een cliché, maar voor Unitas is het een opdracht. De ploeg heeft nu een week de tijd om de wonden te likken, de sneeuw uit de raderen te poetsen en weer gezamenlijk te trainen zonder beperkingen van Moeder Natuur.
Aanstaande zondag 18 januari wacht de reis naar Panningen voor de confrontatie met BEVO. De Limburgers bevinden zich weliswaar in de onderste regionen, maar staan bekend om hun vechtlust in eigen huis. Voor Unitas is dit de uitgelezen kans om de rug te rechten. De strijdlust en de vorm moeten terug in het spel als de Roldenaren hun positie in de top willen handhaven. Een kampioen wordt niet alleen herkend aan zijn overwinningen, maar vooral aan de manier waarop hij opstaat na een val. Het publiek in Rolde rekent erop dat hun helden in Panningen weer met ‘ballen’ spelen.
Zestig minuten handbal in de eredivisie vergeeft geen off-day. Dat is de harde les van deze koude januari-avond. Maar in Rolde weten ze: na de winter komt altijd weer het voorjaar.














